Uitleg scores

Milieu Centraal beoordeelt hoe ambitieus de eisen voor duurzaamheid van het keurmerk of bedrijfslogo zijn en let op transparantie en controle. Alle aspecten krijgen een score van 0 tot en met 5. Naar welke punten kijkt Milieu Centraal?

Milieu, dierenwelzijn, mens & werk

Milieu Centraal beoordeelt hoe streng de duurzaamheidseisen van het keurmerk of bedrijfslogo zijn. Dus: welke eisen stelt het beeldmerk aan het milieu, dierenwelzijn en/of aspecten rondom mens & werk? Milieu Centraal bekijkt niet of de eisen in de praktijk ook nageleefd worden: daar zijn de producent, de beeldmerkeigenaar en de controlerende instantie voor verantwoordelijk. Wel neemt Milieu Centraal in overweging of de controlerende partij onafhankelijk en betrouwbaar is.

Milieu

Bij alle keurmerken en bedrijfslogo's onderzoekt Milieu Centraal de meest relevante milieuaspecten binnen een bepaalde productgroep. Welke dat zijn, wisselt per productgroep. In de productgroep groente en fruit zijn dat bijvoorbeeld gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen, gebruik van land, water en energie, ontbossing, biodiversiteit, verpakking en transport. Voor schoonmaakmiddelen zijn relevante milieuaspecten: de gebruikte grondstoffen, biologische afbreekbaarheid, gebruik van palmolie, schadelijke stoffen en/of microplastics, productie-eisen (afval, water, energie), verpakkingsmateriaal en de effectiviteit van het middel.

Dierenwelzijn

Bij levensmiddelen met dierlijke ingrediënten (vlees, vis, zuivel, eieren) onderzoekt Milieu Centraal de meest relevante aspecten voor dierenwelzijn. Dat zijn onder andere: de leefruimte per dier, kan het dier zich natuurlijk gedragen (bijvoorbeeld een stofbad of modderbad nemen), zijn er geen pijnlijke ingrepen (castreren, horens verwijderen), hoe is het transport geregeld (tijd, afstand), hoe verloopt de slacht.
Ook bij niet-voedsel productgroepen kan dierenwelzijn aan de orde zijn, zoals bij gebruik van wol voor textiel. Dierproeven voor cosmetica zijn sinds 2013 niet meer toegestaan. Voor schoonmaakmiddelen geldt dit verbod niet. Daarom beoordelen we cosmetica niet en schoonmaakmiddelen wel op dierenwelzijn.

Mens & werk

Bij producten die van buiten Europa komen (zoals koffie, thee en cacao, kleding en tropisch hardhout) onderzoekt Milieu Centraal de meest relevante aspecten rondom mens & werk. Dat zijn onder andere: eerlijke handel (zoals eerlijke prijs, afspraken voor een lange termijn), arbeidsomstandigheden (werktijden, leefbaar loon, geen kinderarbeid, recht om lid te worden van een vakbond) en aandacht voor de lokale gemeenschap (scholing, gezondheidszorg).

Uitleg scores duurzaamheid

De scores voor milieu, dierenwelzijn en mens & werk laten zien hoe ambitieus het beeldmerk is ten opzichte van wettelijke eisen en in vergelijking met andere beeldmerken in dezelfde productcategorie. 

0 Het keurmerk stelt geen extra eisen bovenop de wettelijke eisen.
1 De eisen van het keurmerk gaan iets verder dan het wettelijk minimum en liggen ongeveer op het niveau dat gangbaar is in de branche.
2 De eisen van het keurmerk gaan iets verder dan het wettelijk minimum en liggen iets boven het niveau dat gangbaar is in de branche.
3 De eisen zijn strenger dan de gangbare praktijk, maar kunnen nog een stuk strenger.
4 De eisen zijn streng, maar het zijn niet de strengst mogelijke eisen.
5 De eisen van het beeldmerk zijn zeer streng.

In sommige gevallen is er geen score aangegeven met gevulde vakjes, maar staat er tekst.

  • Speelt niet: Dit aspect is niet van toepassing op deze productgroep. Groente kun je bijvoorbeeld niet beoordelen op dierenwelzijn
  • Zie informatie: Dit staat erbij als een toelichting nodig is om de eisen van een beeldmerk goed te interpreteren. In sommige gevallen kan geen (eenduidige) score worden gegeven. Dit is bijvoorbeeld het geval als er verschillende ambitieniveaus zijn binnen hetzelfde keurmerk of logo.
  • Niet gecheckt: Er is geen score bepaald. De reden kan zijn dat het keurmerk te weinig informatie beschikbaar stelt. Ook beoordeelt Milieu Centraal niet-voedingsbeeldmerken niet op het onderdeel transparantie. 

Voor sommige productgroepen zijn verschillende fases in het productieproces apart beoordeeld op duurzaamheid. Bijvoorbeeld voor kleding zijn milieu en mens & werk apart gescoord voor de productie van de vezels, voor de verwerking van vezels tot stof en voor het maken van een kledingstuk.
Een ander voorbeeld is papier, waarbij de herkomst van het hout en de papierproductie apart zijn beoordeeld en verwerkt tot een eindscore. Wanneer een score is gebaseerd op verschillende productiefases, staat dit ook in de omschrijving van het keurmerk toegelicht. In deze productgroepen is de eindscore bepaald door de aparte scores te middelen, met een punt aftrek als niet aan alle fases eisen worden gesteld.

Controle

Milieu Centraal beoordeelt bij controle de betrouwbaarheid van het duurzaamheidsbeeldmerk. Welke partij controleert naleving van de eisen (een onafhankelijke organisatie of doet de beheerder van de eisen dit zelf?) en zijn er sancties als een bedrijf zich niet aan de eisen houdt (ja/nee)?

Het controleproces wordt als volgt beoordeeld bij voedingskeurmerken:

0 Geen controle op naleving eisen.
1 Geen onafhankelijke controle op naleving van de eisen (beeldmerk doet zelf de controles) of onafhankelijke controle met minder dan jaarlijkse frequentie.
2 Onafhankelijke jaarlijkse controle door onafhankelijk gespecialiseerd bureau (alleen aangekondigde controles).
3 Onafhankelijke jaarlijkse controle door gespecialiseerd bureau inclusief onaangekondigde controles.
4 Onafhankelijke jaarlijkse controle door certificerende instelling, maar er is geen accreditatie op schema zelf. Systeemverificatie valt hier bij bedrijfslogo’s ook onder.
5 Onafhankelijke jaarlijkse controle door geaccrediteerde certificerende instelling óf full member ISEAL Alliance (internationaal).
Bij keurmerken op andere categorieën dan voeding hoeven de controles niet jaarlijks en onaangekondigd te zijn om een goede beoordeling te krijgen.

Uitleg totaalscore controle bij voedingskeurmerken

Bij de beeldmerken op voeding is ook beoordeeld of er een sanctiebeleid is, of de garanties over de hele keten gelden (ja/nee), of relevante partijen zoals producenten betrokken worden bij het opstellen van de eisen (ja/nee) en of er een proces van continue verbetering van de standaard is (ja/nee). In de eindscore worden deze punten als volgt meegerekend: De score over de controlerende partij is de basisscore, met telkens 1 punt aftrek als op een van de vier overige beoordelingscriteria (sanctiebeleid, ketentransparantie, stakeholderbetrokkenheid, proces van continue verbetering) een nee wordt gescoord. Een voorbeeld: een keurmerk scoort een 4 op controleproces, heeft wel een sanctiebeleid en een goede ketentransparantie, maar op de website is geen informatie te vinden over het betrekken van stakeholders (1 punt aftrek), noch over een continu verbeterproces (1 punt aftrek). Dan is de eindscore op Controle: 4 – 2 x 1 punt aftrek = score 2.

Transparantie (alleen bij keurmerken en logo’s op voeding)

Bij transparantie beoordeelt Milieu Centraal of de informatie over het keurmerk/logo begrijpelijk, concreet en makkelijk vindbaar is en of het keurmerk/logo verslag doet van de resultaten ten aanzien van de gestelde eisen. Kortom: kun je er makkelijk achter komen waar het keurmerk/logo voor staat? Milieu Centraal toetst op:

Vindbaarheid: staan de eisen op de website van het keurmerk/logo en zijn ze daar makkelijk (met enkele logische muisklikken) te vinden?
Begrijpelijkheid: is de website in het Nederlands of Engels geschreven en is er een voor de consument begrijpelijk verhaal waarin de belangrijkste eisen van het beeldmerk worden uitgelicht?
Toetsbaarheid: zijn de eisen concreet en meetbaar? Concreet is: ‘Drie kippen per vierkante meter’. Niet concreet is: ‘De dieren hebben voldoende ruimte’.
Prestaties openbaar: doet het keurmerk/logo jaarlijks verslag van de resultaten van de controle, bijvoorbeeld in het jaarverslag? (score: ja/nee)

Uitleg score transparantie

Milieu Centraal geeft op elk onderdeel een score. De laagste score bepaalt de eindscore. Als het keurmerk niet jaarlijks verslag doet van de resultaten, wordt er een punt van de eindscore afgetrokken. Een voorbeeld: een keurmerk scoort een 4 op vindbaarheid, een 5 op toetsbaarheid, een 3 op begrijpelijkheid en het doet verslag van de resultaten. Dan is de eindscore voor transparantie een 3.